Uitspraken, beelden, gebeurtenissen trekken dagelijks aan ons voorbij. Soms kan ik ze niet langs me heen laten gaan zonder er iets mee te doen.

maandag 10 oktober 2011

Go Go

Gepubliceerd in de Pers op 10 oktober 2011

Met een volle winkelwagen sta ik voor de uitgang van de supermarkt met de grote C. Naast de bossen rozen en potten herfstasters wacht ik tot een volle winkelwagen mij passeert. Een oudere dame met een enorme stapel etenswaren en schoonmaakmiddelen schuifelt door de schuifdeuren naar buiten. Onmiddellijk gevolgd door die kinderstemmen: ‘mevrouw, mevrouhouw.’
Als ik om het hoekje gluur, zie ik dat zeker achttien kinderen om haar heen zwermen. Ze gebaart paniekerig en roept iets maar haar stem komt niet boven de dansende en hossende massa uit. Ik haal diep adem, duw mijn winkelwagentje naar buiten en loop zo snel mogelijk richting de parkeerplaats, vijftig meter verderop.
Voor ik echter halverwege ben staan er al drie voor me; verhitte gezichten, hoge stemmen en een volume van minimaal 103 decibel.
‘Mijnheer, heeft u gogooos?’
Ik draai mijn proviandkar en begin te rennen, achter mij hoor ik hoe het grut mij achtervolgt.
‘Meneeheeer!!’
Steeds sneller probeer ik de meute te ontvluchten. Het geluid van voetstappen verandert in tromgeroffel en komt steeds dichterbij. Kinderhanden pakken mijn jas vast waardoor het steeds zwaarder wordt om te rennen. Op het moment dat er drie koters aan mijn armen en twee aan mijn benen hangen geef ik het op. Ik struikel en voor ik het weet zitten ze op mijn rug. Ik voel hoe ze mijn jaszakken, broekzakken en borstzak doorzoeken.
‘Hé, kappen nou,’ roep ik luid.
‘Wat is er?’ roept iemand.
‘Ik ben het zat. Een mens kan niet eens meer normaal boodschappen doen.’
Een hand aait mijn wang. Het is geen kinderhand maar een warme volwassen vrouwenhand.
Ik draai mijn hoofd opzij en zie het gezicht van mijn vrouw.
‘Schat. Het is half acht. Ga je mee eruit? We zouden vroeg boodschappen doen omdat het nu nog rustig is.’
Het duurt een paar seconden voor ik besef wat er aan de hand is.
‘Ja graag,’ roep ik en spring uit bed.
Verbaasd kijkt ze me aan.
‘Vanwaar dat enthousiasme?’ vraagt ze.
Ik haal mijn schouders op, ‘Oh, zo maar.’

1 opmerking:

  1. Meesterlijk! Ik voel met je mee.
    Bij mij werd er zelfs op het raam gebonkt, thuis, door koters die niet bij mijn bel konden. Die wilden ook al GoGo's. Ik verlangde zo terug naar de tijd dat ze nog 'geen fratsen' hadden!

    BeantwoordenVerwijderen